Vanwege rugpijn ging ik in 1991 naar mijn huisarts in Arnemuiden.
Ik 1991 verwees huisarts B2. mij naar
fysiotherapie.
Een jaar later, toen mijn werk niet meer kon doen, vanwege
nek- en rugklachten, vermoeidheid, duizeligheid, etc., zei
huisarts B2. dat ik mij maar eens kwaad moest maken, en
mijn klachten flink moest forceren. Hij heeft opgeschreven:
"Eigen instelling bijstellen".
Hieronder staat wat op de medische kaart is bijgeschreven.
Dit moet ik later nog beter op deze pagina ordenen.
Toen mijn klachten niet vanzelf over gingen,
verwees huisarts B2. mij naar
het Riagg.
Ik had toen dus kunnen zeggen, dat ik eerst lichamelijk door
een specialist onderzocht zou willen worden. Dat heb ik niet gedaan,
omdat ik dacht dat de huisarts wel deskundig zou zijn, en omdat ik zelf dacht
dat het misschien wel psychisch was, vanwege de onduidelijkheid
en de vele klachten, en omdat ik geen minachting voor iemand heb,
die psychische problemen heeft. Maar juist doordat ik zo'n instelling heb,
word ik maar al te vaak op leugenachtige wijze beschreven als iemand,
die niets wil weten van psychische dingen.
Ik denk, dat als ik wél geweigerd had, om mij door het Riagg psychisch te laten onderzoeken, dat mijn levensloop dan niet zo'n negatieve draai had gekregen.
Hij zei ook een keer tegen mij dat ik het zelf moest doen, en dat hij alleen de weg kon wijzen.
Op 5 augustus 1992 ging ik naar mijn huisarts, en heb verteld dat bij het psychisch onderzoek bij het Riagg, er nog geen psychische oorzaak voor mijn klachten te vinden was. Ik vertelde hem dat ik had uitgeprobeerd om iedere dag te fietsen, en dat toen ook iedere dag mijn klachten zoals hoofdpijn en duizeligheid flink toenamen.
Blijkbaar wilde mijn huisarts niet meer met mij te maken hebben, dus heb ik een zelfstandige arts gezocht: dokter T..
Ik kon toen al een paar maanden mijn werk niet doen, en er was dus een groot risico, dat ik in de WAO terecht zou komen. Ik vraag mij af, wat die huisarts gedaan heeft, om dat te voorkomen.
Bij het opvragen van mijn dossier bleek dat hij dat laatste gesprek heeft samengevat met één woord: "apatisch".Achteraf blijkt hij niet de uitslag van het onderzoek te hebben weggegooid. Hieronder de uitslag van het bloedonderzoek:
Stichting Streekziekenhuis W. LABORATORIUM UITSLAGEN
PATIENT : D.
DAGRAPPORT HUISARTS
RAPPORTAGE DATUM :23-Jul-92
AANVRAGER: B2.
PAT. NR. : ###
BLOEDGROEP:
DATUM 22.07
TIJD 14:42
LABNR 227060
BEPALING RESULTAAT EENHEID REF.WAARDEN
-----------------HAEMATOLOGIE-----------------
Haemoglobine 9.3 mmol/l 8.7 - 10.5
Haematocriet 0.42 l/l 0.41 - 0.50
DIFF.
eo's 3 % 2 - 4
baso's 1 % 0 - 1
segmenten 55 % 50 - 75
lymfo's 36 * % 20 - 35
mono's 5 % 5 - 10
Bezinking 2 mm/uur 0 - 10
Monotest neg
-----------------KLINISCHE CHEMIE-------------
Kreatinine 69 * umol/l 70 - 125
Urinezuur 0.22 mmol/l 0.16 - 0.47
Glucose 4.4 mmol/l 3.6 - 5.7
ASAT (SGOT) 6 u/l 0 - 35
ALAT (SGPT) 12 u/l 0 - 37
LD (LDH) 158 u/l 0 - 275
Alk. fosfat. 53 u/l 0 - 90
j-GT 20 u/l 8 - 36
Cholesterol 5.6 mmul/l 2.6 - 6.0
TSH 1,7
De cursieve tekst hierboven (TSH 1,7), heeft huisarts B2. op het formulier van het bloedonderzoek er bij geschreven. Dat betreft een uitslag van een bloedonderzoek van de werking van de schildklier.
Na augustus 1992 ben ik niet meer naar deze huisarts gegaan, en ben op een gegeven moment naar zijn collega in dezelfde praktijk gegaan: huisarts G6..
Ruim een jaar later is huisarts B2. gaan werken als 'Adviserend Geneeskundige', en ik dacht dat het voor een verzekeringsmaatschappij was. Alle inwoners van mijn woonplaats ontvingen de volgende brief:
B2.
huisarts
A.
28 december 1993
Beste inwoners van A. en N.,
Graag wil ik u persoonlijk informeren omtrent mijn verlaten van A. als huisarts.
Na 15 jaar huisarts te zijn geweest in A., heb ik een nieuwe functie aangeboden gekregen als Adviserend Geneeskundige te Utrecht.
Hoewel ik met veel genoegen huisarts ben geweest en deze functie nog jaren had kunnen uitoefenen, is dit voor mij wel zo'n nieuwe uitdaging, dat ik deze functie per 14 februari 1994 heb aanvaard.
De veranderingen in de praktijk zullen voor u
zo klein mogelijk gehouden worden.
In de laatste week van januari stop ik met mijn spreekuren
en vanaf februari is er een waarnemer: dokter L.. Dokter L.
is al enige jaren huisarts en woont in V..
De sollicitatie procedure voor een opvolger is zojuist gestart en ik hoop u in april of in mei te kunnen mededelen wie mijn definitieve opvolger wordt.
Begin februari hoop ik tijdene een receptie van u afscheid te kunnen nemen. Nader bericht hierover volgt nog.
Rest mij u allen een goede jaarwisseling en een gelukkig en gezond 1994 toe te wensen.
Met vriendelijke groet,
B2..
In 2006 stuurde ik onderstaande brief:
Aan: dhr. B2.
Datum: 7 december 2006
Geachte dokter B2.,
Op mijn website maak ik mijn UWV-dossier en mijn medisch-dossier openbaar. Aangezien ik in 1992 met mijn klachten het eerst naar u toe ging, staat dat er ook bij. De pagina over u, zoals die op dit moment is, heb ik als bijlage toegevoegd.
Met deze brief laat ik u weten dat ik later uw volledige naam daarbij zal vermelden.
Mijn website: www.dossierd.nl
Als u klikt op de link "WAO- en Medisch-Dossier van D.",
dan staat u in het overzicht bovenaan als "Huisarts B2.".
met vriendelijke groet,
D.
Op die brief kreeg ik geen reactie.