Brief aan regiodirecteur

2005

In oktober 2005 stuurde ik een brief naar de regiodirecteur van het UWV:

thumbnail

Aan: UWV B.
t.a.v. dhr. B5., regiodirecteur AG B. en G.
B.

(aangetekend met ontvangstbevestiging)

10 oktober 2005

Geachte heer B5.,

Hierbij wil ik u vragen om oude beslissingen te herzien. Het betreft de beslissingen van het GAK van 19 oktober 1993 en van 19 april 1994.
De Rechtbank heeft die beslissingen bevestigd met de uitspraak van 2 maart 1995. Daartegen ben toentertijd niet in hoger beroep gegaan. Een eerste verzoek voor herziening heeft de Rechtbank bij uitspraak van 23 december 2002 afgewezen.

Naar mijn mening is het inmiddels overduidelijk dat die oude beslissingen op basis van onjuiste gegevens zijn genomen. Die beslissingen zijn voornamelijk gebaseerd op een brief van een psycholoog en een rapport van een psychiater, die daarvoor beiden een waarschuwing kregen.

De huidige situatie is, dat bij de keuringen steeds de oude onjuiste gegevens worden overgeschreven. Als gevolg daarvan heeft de Rechtbank sinds 1997 in alledrie de uitspraken geoordeeld dat de beslissingen onzorgvuldig zijn en opnieuw gedaan moeten worden. Voor een nieuwe beslissing schrijft het UWV echter de oude onjuiste gegevens weer over.
Op dit moment loopt er nog een procedure bij de Centrale Raad van Beroep, maar toch is het nu het juiste moment om alles opnieuw te bekijken. Door de jaren heen krijg ik soms te horen dat de uitspraak van de Rechtbank wordt afgewacht, maar dat heeft tot gevolg dat er niets gebeurt, omdat er meestal wel een procedure loopt (soms meerdere tegelijkertijd).

Met vriendelijke groet,
D.


Op de bovenstaande brief kreeg ik nooit een reactie. Ik heb zonder reactie later toch een tweede verzoek voor herziening bij de Rechtbank opgestart, waarin ik de Rechtbank vraag om hun beslissing uit 1995 te herzien.

Vervolgens stuurde ik een brief naar de hoofdvestiging van het UWV. Daarbij deed ik bovenstaande brief als bijlage daarbij.

thumbnail

Aan: Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
t.a.v. de Raad van Bestuur
Amsterdam

(aangetekend met ontvangstbevestiging)

12 oktober 2005
Betreft: werkwijze van UWV te G./B.
Bijlage: Mijn brief aan regiodirecteur B5., d.d. 10 oktober 2005

Geachte mevrouw, heer,

Hierbij wil ik u de werkwijze van het UWV in G./B. onder de aandacht brengen. Bij de beoordelingen over mijn WAO-uitkering worden volgens mij allerlei voorschriften en richtlijnen bewust genegeerd en naar mijn mening is het kwaliteitsniveau zeer laag. Volgens mij wordt er ook nauwelijks rekening gehouden met uitspraken van de Rechtbank en van het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg.

Er loopt nog een procedure bij de Centrale Raad van Beroep, maar zoals u in de bijlage kunt lezen heeft het UWV sinds 1997 nog geen beslissing over mijn WAO-uitkering langs de rechter gekregen.

Omdat de (onzorgvuldige) beslissingen in uw naam genomen worden, bent u mede verantwoordelijk voor de ontstane situatie.

Ik wil u daarom vragen om er bij het UWV B. op aan te dringen om toch enige zorgvuldigheid te betrachten. Om tot een zorgvuldige keuring te komen is het volgens mij nodig om mijn situatie vanaf het begin opnieuw te beoordelen.

Hoogachtend,
D.


Beide bovenstaande brieven stuurde ik ook als bijlage bij een brief naar de regering.

Naar aanleiding van mijn brief aan de Raad van Bestuur, werd ik op 19 oktober 2005 gebeld door het Centraal Klachtenbureau van het UWV. De Raad van Bestuur had mijn brief blijkbaar doorgestuurd naar het Centraal Klachtenbureau, die mijn brief als klacht ging behandelen, en vervolgens niets doet omdat er nog een procedure loopt bij de Centrale Raad van Beroep.
Ter bevestiging van dat gesprek ontving ik onderstaande brief.

thumbnail

UWV
Amsterdam

Datum 19 oktober 2005
Van Centraal Klachtenbureau UWV
Ons kenmerk Klachtcontactnr. 2005.10.1312
Uw nummer ###

De heer D.

Onderwerp
Afwijzing klacht

Geachte heer D.,

Uw brief van 12 oktober 2005 hebben wij ontvangen en ingeschreven onder bovengenoemd klachtcontactnummer.

Naar aanleiding van uw brief hebben wij u gebeld. Wij hebben het volgende met u besproken.

Wij nemen uw klacht niet in behandeling. Als u het niet eens bent met een beslissing van UWV kunt u daartegen binnen 6 weken beroep aantekenen. Dat staat ook in de brief die u heeft gehad. Dat heeft u ook gedaan. Omdat uw klacht tegen de inhoud van de beslissing is gericht, wordt bij de Centrale Raad van Beroep al een oordeel gegeven.

Als u het niet eens bent met deze klachtafhandeling, kunt u zich richten tot de Nationale ombudsman. De Nationale ombudsman is een onafhankelijke instantie. Deze onderzoekt en beoordeelt de gedragingen van organisaties, die belast zijn met publieke taken. Het adres is: Nationale ombudsman. Postbus ###, DEN HAAG. Voor verdere informatie adviseren wij u eerst te bellen met het gratis telefoonnummer van de Nationale ombudsman: ###.

Hoogachtend,
Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen

Mw. S.
Directoraat Cliëntenservice & Communicatie


Op 28 oktober 2005 belde ik naar het Centraal Klachtenbureau van het UWV, en ik vroeg of er misschien een begeleidende brief of een notitie van de Raad van Bestuur was, waarmee mijn brief naar het klachtenbureau was doorgestuurd. Zoiets was er niet, er stond in de computer een melding dat mijn brief was ontvangen, en die brief is toen zo doorgestuurd naar het Klachtenbureau. Ik weet nu dus niet of mijn brief wel bij de Raad van Bestuur is aangekomen, omdat die brief misschien al bij bij het sorteren van de post bij het UWV meteen naar het klachtenbureau doorgetuurd kan zijn.

Toen ik later bij het UWV mijn dossier opvroeg, vond ik toch een interne brief waaruit blijkt dat de vestiging van het UWV mijn verzoek had ontvangen.

thumbnail

Memo

Aan AG, Bremo

Datum 31 oktober 2005
Van B&B, mr. G4.   T (0900) ###, F ###
Ons kenmerk

Onderwerp
Brief d.d. 10 oktober 2005 ten name van de heer D. te ### (sofinr. ###).

Beste collega's,

In bijgevoegde brief verzoekt de heer D. om terug te komen op beslissingen van 19 oktober 1993 en 19 april 1994. Bij beslissing van 19 oktober 1993 werd de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 15 tot 25 % (was 45 tot 55 %) per 1 oktober 1993; bij beslissing d.d. 19 april 1994 werd hem meegedeeld dat die klasse niet verandert. Betrokkene verzoekt nu om terug te komen op deze beslissingen. Nieuwe feiten en omstandigheden zijn daartoe echter niet aangevoerd. In verband hiermee en gelet op artikel 4:6, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht kan het verzoek om terug te komen op beide beslissingen door middel van een nieuwe primaire beslissing worden afgewezen onder verwijzing naar de twee eerdere afwijzende beslissingen. Willen jullie deze nieuwe primaire beslissing s.v.p. opstellen en toezenden aan de heer D.

Met vriendelijke groet,

mr. G4.
Bezwaar en beroep Team 4

Bijlage(n):
- brief d.d. 10 oktober 2005.


In de bovenstaande brief geeft de jurist dhr. mr. G4. aan welke conclusie getrokken moet worden. Volgens hem zijn er geen nieuwe feiten en omstandigheden aangevoerd, terwijl ik toch duidelijk had geschreven dat die beslissingen voornamelijk zijn gebaseerd op een brief van een psycholoog en een rapport van een psychiater, die daarvoor beiden een waarschuwing kregen.
Volgens mij benadeelt dhr. mr. G4. mij, door op deze manier mijn verzoek af te wijzen.

Ik ontving echter geen primaire beslissing, dus diende ik op 15 december 2005 bij de Rechtbank een verzoek voor herziening in. Dat was mijn tweede verzoek voor herziening van de beslissingen uit 1993 en 1994.

Laatste wijziging van deze bladzijde: september 2006